Blog‎ > ‎

Over groene stickers en geitenbotten

Geplaatst 7 okt. 2016 05:05 door Marianne Benning   [ 24 jan. 2017 00:33 bijgewerkt ]
Loes Schippers, Museum TwentseWelle

Een bijeenkomst van de educatieclub van de SNNC kan tegenwoordig overal in het land zijn. Doordat we per overleg een andere deelnemende collega-instelling bezoeken en de leden aardig over het land verspreid zijn, kom je nog eens ergens. Vanuit Enschede is het al snel ver, maar dat ben ik gewend. Hoewel Texel wel een uitdaging was, op en neer op dezelfde dag.

Op 20 september kwamen we samen in Naturalis, Leiden. Ook een fikse reistijd, maar omdat ieder SNNC-overleg een klein feestje is (samen met gelijkgestemden bezig zijn met wat je het liefste doet, heerlijk) begin ik de dag zelfs om kwart over vijf welgemoed. Benieuwd ook, niet alleen naar wat het overleg zal brengen maar ook naar de stand van de verbouwing bij Naturalis en naar de expositie T-rex in Town in het voormalige Pesthuis, het deel van het museum dat nog open is voor publiek.

We zijn die dag met een grote club, veel bekende en een paar onbekende gezichten. De leden van de klankbordgroep voor ons project Leren doe je Samen stellen zich voor. Ze hebben nu al waardevolle adviezen en tonen zich positief over het project en onze grote bereidheid om te leren en samen te werken. Daarna het gebruikelijke rondje ‘wie is waar mee bezig en what’s new’. Wat me opeens heel erg opvalt is hoeveel er aan het veranderen is bij alle leden: Natuurmuseum Nijmegen fuseert met een cultuurhistorisch museum en gaat verhuizen; bij Natuurmuseum Maastricht is eenzelfde beweging aan de gang; Natuurmuseum Friesland wordt ingrijpend verbouwd; Museon krijgt een geheel vernieuwde hoofdtentoonstelling; Universiteitsmuseum Utrecht gaat volgend jaar dicht voor een ingrijpende verbouwing; Ecomare gaat cultuurhistorie toevoegen aan zijn verhaal. Naturalis bouwt een heel nieuw museum (nou ja, bijna dan) en Museum TwentseWelle verandert rigoureus van presentatie en organisatie. Van de dertien deelnemende musea zijn er bij maar liefst acht grootschalige herinrichtingen of zelfs verbouwingen/verhuizingen. En de andere vijf werken allemaal aan nieuwe en vernieuwende inhoudelijke plannen. Wat een ondernemende club is dit. Of hangt het in de lucht en geldt het voor heel museaal Nederland? Hoe dan ook en wat de redenen voor verandering ook zijn, het maakt een boel energie vrij en die voel je als we bij elkaar zijn. Iedereen is bezig met de vragen: waarom doe ik wat ik doe en hoe kan ik het beter doen?

De dag wemelt van de interessante activiteiten. We gaan met zijn allen drie hoofdlijnen vaststellen die leidend worden in het project. Iedereen plakt kleine groene stickertjes op twee flipovers met daarop door onszelf aangeleverde prioriteiten. Even heb ik er een hard hoofd in dat we op een gezamenlijke lijn uit kunnen komen want ja, we vonden het al allemaal prioriteiten. Maar het komt goed: onder de vakkundige leiding van Yuri Matteman van Naturalis worden thema’s geclusterd en kunnen drie hoofdlijnen worden aangewezen: training van programma-ontwikkelaars en museumdocenten in de deelnemende instellingen; gebruik van de collectie en van nieuwe werkvormen (zoals Onderzoekend en Ontdekkend Leren –OOL- en 21e-eeuwse vaardigheden) en last but nog least: het ontwikkelen van richtlijnen waaraan iedere deelnemende instelling zich committeert, zodat scholieren waar dan ook in Nederland gegarandeerd een kwalitatief goed programma kunnen verwachten. Dat derde focuspunt is belangrijk omdat de aard en schaal van de musea zo verschillen. De richtlijnen moeten hanteerbaar zijn maar ook ruimte bieden voor grote ambities, en dat voor musea die variëren van heel klein tot heel groot en van ‘puur natuur’ tot meer cultuurhistorisch georiënteerd. Daarnaast is er toch nog een vierde prioriteit die duidelijk boven komt drijven: samenwerken met het primair onderwijs en met pedagogische academies. Het antwoord ligt voor de hand: dit soort
samenwerking is geen aparte lijn maar moet overal in te vinden zijn. De overkoepelende werkwijze boven alles wat we gaan ontwikkelen. 

’s Middags worden we getrakteerd op twee workshops. Welmoet Damsma van Naturalis laat ons zien en ervaren hoe uitdagend OOL is voor leerlingen en hoe makkelijk je het kunt toepassen, als je een paar voorwaarden in de gaten houdt. Ruud Moesbergen strooit een aantal botten over de tafel en wij mogen er van alles bij gaan bedenken en over opzoeken. Het wordt duidelijk dat bij OOL de balans belangrijk is tussen enerzijds veel vrijheid geven bij het onderzoek en anderzijds net genoeg structuur en antwoorden bieden om frustratie bij de jonge onderzoekers (en hun leerkracht!) te voorkomen. Daarna showt Maartje Kijne ons de mooie materialen en uitdagende opdrachten die zijn ontwikkeld voor scholen die T-rex in Town komen bezoeken en mogen wij, als kers op de taart, die tentoonstelling zelf gaan bekijken. Wanneer is het volgende overleg?

Comments